De verhoren van de Commissie Duivesteijn geven een ontluisterend beeld van de werkwijze op het ministerie
van Verkeer & Waterstaat bij projecten zoals de HSL-Zuid en de Betuwelijn. Bij het formuleren van aanbevelingen
kan de Commissie Duivesteijn zich wellicht laten inspireren door het boek Fysica van Samenwerking.
Dit boek is enkele jaren geleden in opdracht van het ministerie van Verkeer & Waterstaat verschenen. Het
introduceert een nieuw en praktisch concept voor de besluitvorming over complexe problemen, namelijk vierdimensionale besluitvorming.
De projectgroep die het boek Fysica van Samenwerking heeft samengesteld, kreeg de volgende opdracht mee van de
hoofddirectie van Rijkswaterstaat: "Schets een dynamisch samenwerkingsmodel voor een open en dienstbare overheid
in de 21e eeuw, als een mogelijk alternatief voor de verkokerde opererende overheid van de 20e eeuw."
Fysica van Samenwerking is een caleidoscoop geworden van prikkelende beschouwingen, dwarse visies en gedroomde vergezichten.
De theorie is helaas wat vaag omschreven.
Het boek introduceert een nieuw en praktisch concept voor de besluitvorming over complexe problemen, namelijk vierdimensionale besluitvorming. Nieuw is dat burgers, bestuurders, bureaucraten en bedrijven ieder een geheel eigen en gelijkwaardige rol krijgen. Toepassing hiervan voorkomt het ontstaan van hiërarchie, macht en onmacht. Het praktische concept luidt kortweg dat er gelijktijdig vanuit vier onderling gelijkwaardige richtingen wordt gewerkt. Deze richtingen zijn: burgers, bestuurders, bureaucraten en bedrijven. Systematisch wordt gewerkt aan een diepgaande probleemanalyse en vervolgens aan vernieuwende, meervoudige oplossingen.
Er is niet één enkelvoudige methode om te komen tot succesvolle meervoudige samenwerking of projectontwikkeling. Daarom is een procesagenda ontwikkeld met handvatten. De procesagenda is geen uitputtende checklist maar bevat een a antal cruciale stappen die gezet moeten worden. De procesagenda helpt bij het ontwikkelen van een gemeenschappelijke taal tussen bureaucraten, bestuurders, bedrijven en burgers (4B's) en kent de volgende 5 stappen:
Dat het met grootschalige infrastructurele projecten niet alleen kommer en kwel is, laat het voorbeeld van de tracéstudie
A1 Amsterdam-'t Gooi zien. Op initiatief van Natuurmonumenten zijn alle relevante belangen in vroegtijdig stadium bij
de projectopzet meegenomen. Nadrukkelijk is op creatieve wijze gezocht naar win-win situaties. Mooi voorbeeld van een
win-win situatie is het idee om de afslag Naarden-West van de A1 te verplaatsen naar het nabijgelegen Gooimeer om zo
een verbindingszone te creëren voor de ecologische hoofdstructuur.
Cijfers van Rijkswaterstaat wijzen erop dat de capaciteit bij het Gooimeer voldoende is. Het verkeer van de
A1 zal ook beter doorstromen door deze maatregel en er zal minder verkeer sluipen door vesting Naarden.
Tenslotte ontstaat in de nieuwe situatie een goede verkeerskundige aansluiting tussen Naarden, Bussum en Muiden.
Het tevoren zichtbaar ten goede komen van gelden aan een gebied ter compensatie van latere fysieke ingrepen
is een nieuwe manier van compenseren. Normaliter worden nadelige gevolgen van grootschalige ingrepen voor
natuur en milieu pas achteraf gecompenseerd. Dit leidt tot eindeloze discussies en als er al voldoende geld is voor
compensatie, is er vaak geen overeenstemming over de compensatiemaatregelen. Vaak leidt dit tot een patstelling en botsende posities.
350 pagina's | gratis | ISBN: 90 228 3506 7